Dat, wat de mens zowel als individu als in essentie is, kunnen we misschien het beste zien in het perspectief van de menselijke evolutie waar we uit voortgekomen zijn.
Gedurende zijn miljoenen jaren van overlevingsstrijd was de tame- lijk kwetsbare mens alleen veilig voor de gevaren van buitenaf in een hechte sociale groep. In de groep had ieder naar vermogen een bepaalde functie, en hierdoor een door anderen gewaardeerde identiteit,
waardoor men zich beschermd en veilig voelde.
Ook ons huidige voortdurende verlangen naar goedkeuring, waar- dering en sociale verbondenheid alsook onze bijbehorende identi- teit komen in de diepte voort uit een verlangen naar veiligheid. Onze identiteit is echter steeds een aangenomen identiteit, al naar gelang onze (veranderlijke) sociale functie en ook (veranderlijke) omstandigheden . . . . . . . En in feite is onze identiteit dus steeds een act, en hebben we vele identiteiten met (gespeelde, vermeende) eigenschappen. Onze identiteit, ego, of persoonlijkheid is dus over
het algemeen die- of datgene wat we ons "verbeelden" te zijn om gewaar- deerd, goedgekeurd, of niet afgekeurd te worden. Ons (meestal onbewuste) verlangen naar waardering, sociale ver- bondenheid en veiligheid is
echter zo sterk, dat we de act die we opvoeren iets of iemand te zijn zelf willen geloven.
Levend in een ego-act ben ik echter een nep-mens; en kan ik ook niet werkelijk mezelf zijn, en kan er ook geen werkelijk zuivere integriteit in mij zijn . . . . . . . En belediging of vernedering is niets anders dan een aanval op mijn gespeelde rol; en mijn waan van eigenwaarde slechts "ego-waarde" . . . . . . Echter wanneer al onze ego's slechts acts zijn, wat is dan onze ware, werkelijke identiteit? Deze is in eerste instantie ons onbevangen "zijn" in onze zuivere bewustheid
Wanneer je op een bepaald moment in totale concentratie je
aandacht werkelijk geheel en totaal ergens op richt, vergeet je in dat moment even wie je bent, wàt je bent, en misschien zelfs wáár je bent . . . . . . . Er is dan slechts "zijn", in totale aandacht, in dit moment.
Wanneer je bijvoorbeeld in dit moment je werkelijk totale aan- dacht richt op het horen van een al of niet bestaande zeer hoge fluittoon, nèt boven je gehoorgrens, ervaar je slechts
aan- dacht . . . . . , en innerlijke stilte . . . . . ; bewustheid . . . . . , en innerlijke stilte . . . . . . Je rationele denken staat dan even stil. Je waan iets of iemand te zijn is dan even verdwenen. Hoe intenser je luisteren, en hoe totaler je aandacht, hoe meer al het andere verdwijnt. Er is nu alleen
nog luisteren; maar toch is er continu "iets" (subtiel) getuige van de stilte; iets, dat de stilte waarneemt. Want hoe weten we anders dat er stilte is, en dat er bijvoorbeeld in dat moment geen gedachte is . . . . . . . . ? Iets is getuige van de stilte . . . . . . . Iets, wat niet denkbaar, doch
slechts ervaarbaar is. En
Het is onze zuivere "bewustheid". Dit onbevangen "zijn" in zuivere bewustheid is ons meest authen- tieke "zijn". Een "zijn", dat niet "iemand" is; geen persoonlijkheid is. . . . . Een "zijn", dat
geen gedachte is . . . . . . . Dit pure "zijn" is in eerste instantie onze authentieke identiteit; en al onze ego-wanen zijn slechts identificaties met denkbeelden, ideeen of oordelen over onszelf.
Onze persoonlijkheids-waan, ons "iemand" zijn, is ook geen constant fenomeen, zoals onze authentieke identiteit, maar
verandert voortdurend met onze sociale omstandigheden. Telkens weer een andere act. In onze persoonlijkheids-waan in ons rationele denken hebben we ook een zeer sterke neiging onze authentieke identiteit weg
te rationaliseren; want we voelen ons veilig in onze persoonlijkheid.
Het wonderlijke is echter, dat ook wanneer we niet met anderen zijn, we
volkomen onnodig in deze persoonlijkheids-waan blijven leven. Want, waar is het gevaar? We kunnen ons nu afvragen
of we (in de diepte) werkelijk zulke angstige wezens zijn dat we voortdurend de bescherming van anderen nodig hebben. Wie goed oplet kan waarnemen dat dit laatste eveneens het geval is. Want wanneer we de toestand ervaren van slechts heerlijk ontspannen en onbevangen "zijn" in het moment, is elke behoefte aan goedkeuring of waardering totaal verdwenen.
Voor wie ditalles slechts theoretisch benadert zou de vraag kun- nen rijzen of ons slechts "zijn" misschien niet óók alleen maar een waan zou kunnen zijn. Echter ons ego
en al onze andere wanen behoren in ieder geval tot het (eventueel abstract) denkbare, of voorstelbare. Zoals het ervaren wordt is het nòch een zelfstandig naamwoord, nòch een werkwoord. Je zou kunnen zeggen dat we zo leven in twee werelden: in de wereld van de reele werkelijkheid, en in onze waan-wereld van ego-centrisch denken, overtuiging,
geloof, vooroordeel, en alle bijbehorende angsten en verlangens. Ons "zijn" identificeert zich hierin met een "ik-figuur", die vele rollen kan spelen: "iemand" zijn.
Normaal gesproken leeft iedere mens dus voortdurend vanuit een zeker
ego-centrisme. Maar ook inprogrammering door voorbeeldgedrag van opvoeders, familieleden, vrienden
enz. is een zeer belangrijke reden. Echter sterk gecentreerd zijn in je ego betekent zelf-belangrijk- making en creeert respectloosheid, strijd, machtshonger, over- heersing en vernedering; en op deze manier ook
weer het ego- centrisme van anderen . . . . . . . En deze zelfbelangrijkmaking creeert ook een mentale blindheid, respectloosheid en afstandelijkheid; en zo ook ons onvermogen tot empathie, werkelijke
vriendschap, intimiteit, liefde, genieten en geluk . . . . . . . Daarnaast creeert ons egocentrisme ook obsessie door verlangen; en hieruit weer frustratie, onvrede, spanning, stress en allerlei andere ellende die
daarmee samenhangt.
Daarom kunnen we onze levenskwaliteit enorm verbeteren door het accent in ons leven te verleggen van ons egocentrisme naar een zo veel mogelijk onbevangen en ontspannen leven vanuit onze innerlijke integriteit. Onze zuivere innerlijke integriteit kunnen we echter alleen vinden in onze authentieke identiteit; in
een moment waarin we ons ego en alles wat daaraan verbonden is even volkomen onbelangrijk gemaakt hebben. Bewustheid van je authentieke identiteit versterkt of groeit door haar zo vaak mogelijk te ervaren. Op den duur komt hier spelenderwijs en bijna ongemerkt een steeds meer continue "zijns-bewustheid" en innerlijke integriteit
uit voort; en je positieve levenskwaliteit wordt intenser, dieper en zuiverder.
Wanneer je de weg eenmaal gevonden hebt, heb je steeds de keuze voor een heerlijk positief, ontspannen, pretentieloos "zijn", of voor de obsessieve, agressieve en negatieve spanning
van de pretentie "iets" of "iemand" te zijn. Positief, ontspannen en pretentieloos "zijn" leidt naast innerlijke integriteit ook tot innerlijke bescheidenheid en innerlijke vrien- delijkheid; en er is ruimte
voor genieten, subtiele speelsheid, openheid, kwetsbaarheid en het ervaren van werkelijke intimiteit en liefde. Het defensieve
pretentieuze "iemand" zijn impliceert echter zelf- belangrijkmaking, afgescheidenheid en afstandelijkheid en in de diepte daarom ook altijd een subtiele vijandigheid. Bovendien creeert onze ego-obsessie de subtiele (veelal onbe- wuste) Daarnaast impliceert ons ego zoals gezegd het voortdurende en vaak agressieve (gefrustreerde) verlangen naar bevestiging, waardering of goedkeuring door anderen. Dit betekent in de diepte een leven lang leven als een voortdurende, en veelal gefrustreerde bedelaar die nooit genoeg kan krijgen . . . . .
Uit ons fundamentele egocentrisme komt ook de ellende voort van het obsessieve verlangen naar bezit, aanzien en macht, etc. en alle frustratie, onvrede en ellende die daar weer uit voort komt.
Het is echter in ons obsessieve egocentrisme, waar de oorzaak ligt van alle ellende. Streven naar egoloosheid is echter zinloos; want alleen een ego kan streven naar egoloosheid. Egoloos willen zijn creëert slechts frustratie en boosheid, want je bent dan immers niet wat je zijn wilt.
Waarnemen en begrijpen van je ego('s) is voldoende; dat creëert ego-bewustheid. Een speelse, niet te serieuze benadering, en het niet
belangrijk maken van je ego is altijd de beste oplossing. Ook elke Door het zwaartepunt in ons leven zo veel mogelijk te leggen op het bewust ervaren van de onbevangen toestand van het heerlijk ontspannen "zijn", verzwakt en verdwijnt de ingebakken waan van
"iemand zijn" op den duur vanzelf. Wanneer je je ego betrapt is "o, dit…" al meer dan voldoende; er is dan immers ego-bewustheid alsook bewustheid van je waar- derings- goedkeurings- en sociaal
verbondenheidsverlangen. En wanneer er dan dat onbevangen "zijn" is, zie je vanzelf dat je toestand egoloos is. Geen enkele reden dus om je zorgen te maken om je ego. Ego-loosheid is een zinloos doel. Wel is het dus van belang die persoonlijkheid niet belangrijk te maken, want dat creëert spanning en negatieve levenskwaliteit.
Zinvol is het je ego's te leren kennen, definiëren en herkennen; Deze zijn in eerste instantie: ik ben - ego, ik wil - ego, Steeds is het hierbij van belang je zelf-belangrijkmaking en het achterliggende verlangen naar goedkeuring, waardering, aanzien, sociale verbondenheid etc. te blijven herkennen.
Soms kan het lijken dat je tòch gelukkig zou kunnen zijn in je ego- waan, wanneer je door iedereen gewaardeerd en
goedgekeurd zou worden. Bovendien betekent zo gewaardeerd leven in je persoonlijkheids- waan bevestiging en versterking van die persoonsidentificatie
en steeds verder verdwalen in egocentrisme en (subtiele onbewuste) ego-arrogantie en respectloosheid, en voor je het beseft in een negatieve levenskwaliteit. Leven in egocentrisme is leven in een subtiel negatieve
obses- sieve toestand, een toestand van zelfhypnose; onbewust leven, en steeds vanuit een subtiel agressieve mentaliteit. Leven vanuit bewustheid en ego-besef van jezelf en alle anderen geeft ruimte voor
humor, en het vermogen te lachen om "jezelf". Probeer daarom steeds de dingen en jezelf onbelangrijk of zelfs wat belachelijk te maken. Dezelfde keuzebewustheid als beschreven voor een positieve levenskwaliteit is toepasselijk op het leven in een onbevangen egoloze toestand; want zoals gezegd horen die bij elkaar.
De snelste en eenvoudigste manier om te leren moeiteloos te zijn in een onbevangen egoloze toestand is de simpele techniek van |